Voorwoord door Marjan Minnesma
Velen van ons worden moe en terneergeslagen van alle ellende en doemscenario’s: de opwarming van de oceanen, onomkeerbare tipping points, verdwijnende ecosystemen, 3,5 graad opwarming, oorlogen en polarisatie. Dan steken we liever ons kop in het zand, we laten de moed zakken of geven de schuld aan anderen. Intussen willen we heel graag verandering: naar een inclusieve samenleving, prettige leefomgeving, prettig werk, voldoende voedsel, schoon water en gezondheid. En ja, liefst ook voor mensen elders en vooral voor onze kinderen en kleinkinderen. Het CPB meldt dat 70 procent van de Nederlanders dat wil.
Maar #hoedan? In je eentje krijg je soms het gevoel dat je niet tegen ‘het systeem’ op kunt. En toch is ieder van ons nodig, want samen brengen we de verandering teweeg. Wat we nodig hebben is een perspectief, een beeld dat de wereld er over tien jaar al anders en beter uit kan zien. Als we ons die nieuwe wereld kunnen voorstellen, dan kunnen we ons daarop richten en er naartoe werken.
We zoeken voorbeelden van een inclusieve samenleving waar iedereen voor elkaar zorgt. Van een economie die niet op nog meer groei en winst voor aandeelhouders stuurt, maar die de belangrijke functies in de samenleving ondersteunt, zoals onderwijs, mobiliteit, gezondheid, schoon water, levende bodem, schone lucht en biodiversiteit. We zoeken voorbeelden van bedrijvigheid die circulair en regeneratiefis, die in plaats van een negatieve voetafdruk een positieve impact heeft, nu en later. En liefst ook voorbeelden van hoe je die veranderingen realiseert.
Die nieuwe samenleving is er al!
Al die perspectieven en voorbeelden zijn er al. Die worden gebouwd door mensen die vanuit hun verlangens de toekomstige manier van werken en leven vormgeven.
We zien een veelheid aan organisaties, bedrijven, beleidsmakers, burgers en ngo’s, allemaal mensen die stappen zetten naar die betere wereld. De transitie in de ene sector beïnvloedt de transitie in andere sectoren, ze werken complementair aan elkaar. En alle sectoren vragen dat de economie weer dienend wordt aan de samenleving. Bovendien zijn er heel veel verbinders, versnellers, zichtbaarmakers, bewustmakers en mogelijkmakers die het proces versnellen. Juist in 2025 wordt die gezamenlijke inspanning zichtbaar.
Al deze nieuwe ontwikkelingen krijgen nu vorm, alleen merken we ze vaak niet op omdat we in onze eigen bubbel zitten. Dit boek neemt je mee langs alle sectoren en laat zien hoeveel er overal gebeurt. Dat geeft ons hoop. Nu je erop kunt vertrouwen dat anderen in hun domein bezig zijn, valt het minder zwaar om te doen wat jij te doen hebt in jouw domein. Hoe klein ook.
Urgentie
Ja, het is urgent dat we veranderen en dat steeds meer mensen mee gaan doen met die verandering. Voel je welkom om je aan te sluiten bij een of meer van de mooie initiatieven, ga ook voorleven hoe het anders kan en maak deel uit van de early majority die meedoet. Samen krijgen we het voor elkaar. En als klein land is Nederland in de uniek positie om het voortouw te nemen. Als het hier kan dan kan het elders ook. Misschien is de transitie naar een ecologische economie wel ons nieuwe exportproduct.
Marjan Minnesma, directeur van Stichting Urgenda

Inleiding
Met dit boek wil ik zichtbaar maken hoe er in Nederland en Vlaanderen gebouwd wordt aan een nieuwe, inclusieve en ecologische samenleving. En hoe groot en breed die beweging al is. Die transitie is al enige tijd bezig, zo tussen de bedrijven door, in de chaos van dit transitietijdperk. In deze tussentijd gebeurt het. Nieuwe initiatieven en organisatievormen, andere vormen van eigendom, anders bouwen, nieuwe vormen van buurten en gemeenschappen. Allemaal stukjes van de ontluikende samenleving met regeneratieve manieren van werken en leven, en een veranderende economie die stuurt op welzijn van mens en planeet.
Niemand lijkt te merken dat het al op zoveel plekken gebeurt, want we zitten in onze eigen bubbel en zien nauwelijks wat er daarbuiten gebeurt. We laten ons overdonderen door het slechte nieuws en zien niet hoe om ons heen een betere samenleving groeit.
Velen van ons — ambtenaren, bedrijven, economen, wetenschappers, medewerkers in zorg, transport, recreatie en onderwijs, en boeren en buitenlui — zijn al bezig om die solidaire en ecologische welzijnssamenleving te creëren. Het lijkt mij nuttig als we van elkaar weten dat we samen bezig zijn, en erop kunnen vertrouwen dat terwijl ik bezig ben om duurzamer te werken, jij in een andere sector bezig bent met jouw aandeel in de transitie. De één bouwt op, de ander bouwt om of breekt af, ieder heeft zo haar rol. Samen zijn we op weg naar een nieuwe economie en een nieuwe organisatie van de samenleving.
Bovendien gaan steeds meer organisaties de krachten bundelen om ervoor te zorgen dat we vóór 2030 de benodigde omslag hebben gemaakt. We werken ernaartoe dat als er over een paar jaar een enorme crisis uitbreekt in de gevestigde economie, die nieuwe samenleving voldoen- de krachtig ontwikkeld is om met elkaar en met de natuur in een postgroei- economie te floreren.

Over al die initiatieven, organisaties en bewegingen lees je in dit boek; het is een dwarsdoorsnede van de samenleving tussen 2023 en 2025. Met inzichten over hoe de transitie werkt en hoe we bezig zijn met een versnelling. Er zijn verwijzingen naar verenigingen en netwerken waar je je bij aan kunt sluiten, en de QR codes verwijzen naar voorbeelden, boeken, films, podcasts, websites en overzichtskaarten.
In 2023 verscheen de eerste versie van dit boek. Inmiddels is er een versnelling en verbreding gaande in de samenleving, in het maatschappelijk middenveld, in gebieden en wijken, en in beleid. En dat gebeurt naast de politieke ontwikkelingen.
Om de voortschrijdende ontwikkeling in de komende jaren zichtbaar te blijven maken, is er, naast dit boek, een interactief platform in ontwikkeling. Toekomstcollectief.nl is een database waar jij of jouw organisatie zelf je initiatief kunt invoeren. Via de zoekfunctie maak je contact met anderen in hetzelfde speelveld of juist in andere bubbels. Als je bijvoorbeeld naar voedselbossen zoekt, zie je de daaraan verbonden academies en organisaties. Maar via die route kom je ook weer bij agroecologie, zorgboerderijen, gezondheid en gebiedsgedreven ontwikkeling terecht, en vandaar ook weer naar veranderende financieringsstructuren en organisatievormen.
Van angst voor de toekomst naar bewustwording en actie
We worden bedolven onder de meest vreselijke nieuwsberichten en films over hoe onze wereld bezig is ineen te storten. Dankzij onderzoeksjournalisten zoals Follow the Money, Tegenlicht, De Correspondent, Vrij Nederland, Foodwatch, Pesticide Action Network en andere aan-de-kaak-stellers komt er steeds meer informatie boven tafel over de oorzaken van uiteenlopende misstanden. Daardoor worden we ons meer bewust van de effecten van ons handelen. Zoals de sociale misstanden in de mijnen waar lithium gedolven wordt voor de batterijen die we nodig hebben om (de in onze ogen geweldig goede) transitie naar elektrisch rijden te realiseren. Of het land grabbing in ‘zich ontwikkelende landen’ om te voorzien in onze voedselbehoefte en onze economie, niet in die van hen. Of de enorme hoeveelheden pesticiden in ons water, in de bodem en in ons lichaam. Daar schrikken we van, maar het geeft ons wel inzicht waar het mis gaat en waar we er iets aan kunnen veranderen.
Het Stockholm Resilience Centre liet in 2023 zien dat we in nog meer sectoren de draagkracht van de aarde overschrijden dan het jaar ervoor. Earth Overshoot Day viel in Nederland in 2024 al op 1 april. Dat betekent dat we in die eerste drie maanden alle hulpbronnen hebben verbruikt, gebaseerd op een eerlijke verdeling van alle hulpbronnen over alle mensen op deze aarde. We leven op de pof en maken nu op wat de toekomstige generaties nodig hebben of wat elders nodig is. Een voorbeeld is het zoete water dat wij uit andere landen weghalen in de vorm van bijvoorbeeld tropisch fruit, bloemen, soja, asperges, tomaten, et cetera.

Dit alles wordt veroorzaakt door onze manier van produceren en consumeren. De bovenstaande figuur en het steeds vroeger vallen van Earth Overshoot Day zijn oproepen om er iets aan te doen. In eerste instantie willen we natuurlijk de uitstoot van schadelijke stoffen verminderen en de schade repareren. We streven naar maximaal anderhalve graad opwarming, vandaar de noodzaak van een energietransitie. En we moeten anders gaan produceren en consumeren. Dit alles is een oproep tot systeemverandering en andere vormen van omgaan met natuurlijke hulpbronnen. Hoe we daar iets aan kunnen doen, lees je in het volgende hoofdstuk, Transition Twenties.
Wat doe jij en kan je wel iets doen?
We hebben te maken met angstaanjagend grote gevaren: overstromingen, bosbranden, te veel regen en te veel droogte door klimaatverandering, de omkering van de golfstroom, biodiversiteitsverlies (geen insecten, krill en vis, geen bevruchting en geen voedsel), gebrek aan schoon zoetwater daardoor massamigratie en oorlogen. En de dreiging van een economische crisis, pandemie en het verliezen van je bestaanszekerheid. Dat is allemaal heel heftig! Wat doe jij dan? Wat doet je werkgever? Wat doet jouw gemeente? Het lijkt zo groot dat we al gauw denken dat we daar niks aan kunnen doen. Het helpt als je weet dat wij mensen (en dieren) op vier manieren reageren op groot gevaar: freeze, fight, flight of act:
● Freeze, je bevriest. Je bent zo bang dat je niet meer reageert, je laat het maar over je heen komen. We kennen een dergelijke reactie van slachtoffers van verkrachting. Maar het gebeurt ook als reactie op ontslag, je weet niet meer wat te doen en je valt stil. Het is een coping mechanisme in crisistijden, een manier om jezelf te beschermen, dus heb je even tijd nodig om bij te komen. Maar zoek daarna naar de mooie dingen die ook gebeuren en ontdek dat er mensen zijn die bezig zijn met oplossingen waar je bij kunt aanhaken. Je hoeft het niet alleen te doen. Schrijver en industrieel ontwerper Babette Porcelijn schreef twee mooie boeken, waarin ze ons ervan bewust maakt wat er allemaal scheef gegroeid is en waarin ze oplossingen aandraagt waar je zelf aan kunt bijdragen.
● Flight, je vlucht. Je vlucht weg van de ellende, door bijvoorbeeld met vakantie te gaan, de krant niet meer te lezen, niet meer naar het nieuws te kijken, door je af te zonderen van de samenleving of door te vluchten in nog meer spullen kopen. Maar je wordt er niet blijer van. Het helpt niet, want ieder mens wil iets betekenen voor een ander, ergens bij horen. Wat kun je doen? Kijk om je heen en lees in dit boek met wie of wat je verbinding zou willen maken. Of lees het boek Actieve hoop van Joanna Macy en Chris Johnstone (Waerbeke, 2022). Zoek mensen op die jou voeden en waar je energie van krijgt.
● Fight, je vecht. Je reageert, je geeft tegengas, je protesteert. Het kan zijn dat je boos wordt op degenen die in jouw ogen het kwaad zijn. Er ontstaat polarisatie, er is alleen nog maar goed en slecht, en er is geen oplossing. Vraag je af waarom je boos werd. Blijkbaar heeft de ander iets geraakt dat erg pijn doet. Die pijn neemt het stuur van je over. Eckhart Tolle heeft daar mooi over geschreven en verteld. De kunst is om te zien dat jij niet je pijn bent, jij hebt je eigen opdracht in je leven en je moet die pijn een plek geven.
Volgens oosterse vechtsporten ga je bij een gevecht de verbinding met de ander aan, de dans met de ander. Het gaat (net als in de reis van de held) om dansen met de draak. Wat heeft die ander nodig en wat is jullie gezamenlijke verlangen? Jouw boosheid levert tegelijkertijd veel krachtige energie die je kunt inzetten om datgene te veranderen waar je boos over bent. We zien de laatste jaren heel veel van zulke gedreven acties die ook in dit boek staan. Femke Sleegers, Damaris Matthijssen, Babette Porcelijn, Sandra Barth, vanuit hun wil om datgene waar ze boos over zijn te veranderen, ontstaan er de mooiste initiatieven.
● Act, je onderneemt positieve actie. Je ziet mogelijkheden waardoor ‘het gevaar‘ afneemt, verandert of transformeert. In de landbouw ga je over op agroecologie omdat die integrale aanpak diverse problemen tegelijkertijd oplost (biodiversiteit, schoon water, levende bodems, gezond voedsel). Of je gaat in je productiemethoden regeneratief en circulair werken. In de samenleving kan je samen met je gemeenschap zorgen voor een betere leefomgeving en in je bedrijf ga je je negatieve voetafdruk omzetten in een groene handdruk, in plaats van winst voor aandeelhouders kies je voor steward owned werken, et cetera. Of je gaat de barricaden op om de verandering af te dwingen, zoals de KlimaSeniorinnen in Zwitserland, Extinction Rebellion, Urgenda, Teachers for Climate, Milieudefensie en in 2024 nog Leonore Gewessler, de Oostenrijkse minister van Milieu.
Ook organiseren we ons om gezamenlijk iets te doen of ergens aandacht voor te vragen, zodat anderen zich ook bewust worden. Op social media doen we oproepen: ‘plant een boom’, ‘stop de moord op dolfijnen’, ‘stop het gebruik van proefdieren’. Er moet veel gestopt en afgebouwd worden, maar het kan ook in een positieve actie vormkrijgen: ‘doe mee aan…’, ‘draag bij aan…’
We zijn allemaal nodig!
Economisch antropoloog Jason Hickel en zijn boek Minder is meer. Hoe degrowth de wereld zal redden (Epo, 2020) vertelt over een onderzoek in de Verenigde Staten over de enquêtevraag: ‘Ben je bereid meer te betalen voor voedsel, minder te consumeren en minder te vliegen als daarmee jouw kleinkinderen kunnen overleven?’ Van alle ondervraagden gaf 68 procent een volmondig ‘ja’ als antwoord. Prachtig, denk ik dan. Dan zijn we toch bijna bij het tipping point. Maar als die 32 procent die niet meedoet doorgaat met vervuilen en hulpbronnen opmaken, dan overleven de volgende generaties gewoon niet. Daarom werd in een tweede ronde de vraag iets anders gesteld: ‘Ben je bereid meer te betalen voor voedsel, minder te consumeren en minder te vliegen, als daarmee jouw kleinkinderen kunnen overleven, en als iedereen meedoet?’ Daarop antwoordde honderd procent met ‘ja’.
Ik hoop dat mede door dit boek honderd procent van Nederland mee gaat doen met de systeemverandering en ‘ja’ gaat zeggen. Dat betekent dat we onze democratie en politiek anders moeten gaan organiseren, en wel nu. Lees daarvoor vooral hoofdstuk 3 Naar een nieuwe economie en hoofdstuk 9 De bewuste samenleving organiseert zich.
“Er gebeurt zoveel dat politiek en overheden de brede maatschappelijke beweging die er nu is alleen maar hoeven te ondersteunen.” — Kees Klomp
Het kan en we weten hoe het moet, ook dat lees je in dit boek. Zoals lector en auteur Kees Klomp helder zegt: ‘We gaan de eerste economie (natuur) herstellen, de tweede economie (de burgers die nu de regeneratieve samenleving vormgeven) ondersteunen en de financiële economie (die de valse prikkels geeft) reviseren. Er is handelingsperspectief.’
Toekomstbeeld en handelingsperspectief
Het goede nieuws is dat we door al die bewustwording steeds beter gaan inzien waar we moeten ingrijpen om te redden wat er te redden valt, en om de bakens echt te verzetten. Steeds meer mensen geven aan dat ze echt een systeemverandering willen.
Grofweg moeten er dan twee dingen gebeuren: een herstructurering van de economie en een transitie om te gaan werken vanuit vrouwelijke principes. Dat betekent dat we de werkelijkheid zien als een complex, samenhangend systeem, faciliteren wat er zich wil ontvouwen, gaan sturen op relaties en verbinding, ontwikkeling van gemeenschappen ondersteunen, en sturen op leven en gezond zijn. Je kunt echter niet zomaar je bedrijf of je leven ombouwen, je hebt een toekomstperspectief nodig, een beeld van hoe de samenleving, je bedrijf of je omgeving eruit kunnen zien.
Gelukkig zijn er veel mensen, vaak kunstenaars, filmmakers en verhalenvertellers, die ons toekomstbeelden kunnen laten zien. Klimaatexpert Tim van Hattem is een van hen en hij maakte met zijn team een kaart van Nederland in 2120, een land waarin je best wilt wonen. Thea Beckman schreef vijfendertig jaar geleden al Het Gulden Vlies van Thule (Lemniscaat, 1989), een meeslepend jeugdboek over een land dat geregeerd wordt door vrouwen, en waar wederkerigheid en liefdevol omgaan met je medemens en met de natuur voorop staan. Een ander land, dat erg op het onze lijkt, valt Thule binnen. Deze op exploitatie gerichte Badeners begrijpen niet dat je zou kunnen leven zoals de Thulenen doen, terwijl ze zien en ervaren hoe vredig en welvarend Thule is. Een aanrader.
Anderen zijn uitstekend in staat om dat toekomstbeeld te co-creëren, bijvoorbeeld met behulp van sociale vormgeving of social design. Onder meer The Turn Club en de Regeneratie Coöperatie nemen ons mee in het samen dromen en die dromen waarmaken.
Voorlevers geven vorm aan de toekomst
In Nederland en Vlaanderen zijn er heel veel mensen, bedrijven, ambtenaren en ngo’s die voor positieve actie kiezen. Ze bouwen nieuwe vormen, organiseren zich op nieuwe manieren en komen tot nieuwe vormen van eigendomsrecht. Door hun manier van denken, leven en werken, leven ze ons voor hoe het anders kan en hoe dat er dan uit ziet. Daar kunnen we ons aan optrekken, we kunnen hen volgen en hun aanpak of principes overnemen.
Die enorme onzichtbare beweging maak ik met dit boek zichtbaar. Alle mensen en organisaties die bezig zijn om de gewenste inclusieve samenleving om ons heen op te bouwen en letterlijk vorm te geven. Er wordt gewerkt op alle niveaus en in alle sectoren aan de omslag naar een economie die welzijn van mens en planeet vooropstelt. Haast zonder dat we het merken, want het staat nauwelijks in de krant en je moet op social media maar net in dat algoritme terechtkomen.
Voorlevers laten ons de ontluikende toekomst zien in hun manier van werken (biobased, circulair, natuurinclusief, regeneratief), hun manier van wetenschap bedrijven (participatief, transdisciplinair) en hun manier van organiseren en leidinggeven (vanuit ecosysteemprincipes, gemeenschappen en commons). In podcasts, boeken en films, gebaseerd op nieuwe verhalen van de werkelijkheid. In dit boek krijg je met een dwarsdoorsnede van dit aspect van de samenleving een aardig overzicht van al die voorlevers.
De onderstroom wordt zichtbaar
Hoe kan het, zul je je afvragen, dat we dit allemaal niet weten, niet zien? Voor een deel komt het doordat we afgeleid worden, onze aandacht wordt opgeëist door slecht nieuws, want goed nieuws scoort niet in de media. Als je wel goed nieuws wilt lezen, abonneer je dan op De Optimist en MaatschapWij, en de podcasts van Nynke Visser van Innivity en Cees van Lotringen.
De onzichtbaarheid komt ook omdat je gewoon niet kunt zien wat er ondergronds aan het ontstaan is. Je herkent vast wel dat als je al een jaar of twee overweegt om vegetarisch of biologisch te gaan eten, niemand het in de gaten heeft totdat je het daadwerkelijk gaat doen. Dan wordt zichtbaar voor jouw omgeving dat er iets veranderd is. Je zoekt restaurants die vegetarisch en biologisch eten serveren, gaat anders boodschappen doen en misschien wel meer lokaal. Jouw besluit openbaart zich in de reële economie in nieuw gedrag.
De kwadranten van Ken Wilber
De Amerikaanse filosoof Ken Wilber laat met zijn kwadrantenmodel zien hoeveel incubatietijd nodig is voordat wezenlijke veranderingen zichtbaar worden in de werkelijkheid van alledag.

Veelbelovend
Vanaf 2020 zijn nieuwe initiatieven steeds meer zichtbaar geworden; allemaal organisaties die na jaren intern broeden nu hun overtuigingen en nieuwe inzichten in de praktijk brengen. We zien organisaties en samenwerkingsverbanden die op hun manier aan een ecologische en sociaal-inclusieve samenleving werken, zoals Gideon, een netwerk van architecten, bouwers en aannemers die elkaar inspireren en ondersteunen in duurzaam bouwen.
Of Marion Lijten van Arveco Bedrijfskleding, die zo boos werd over de enorme hoeveelheden kledingafval die wij naar Afrika sturen, waar die in zee gestort worden, dat ze een hele circulaire bedrijfstak opstartte.
De opkomst van nieuwe initiatieven is eigenlijk niet bij te houden, daarom heb ik ze zichtbaar gemaakt in dit boek. Ik noem vast een paar organisaties die pas na jaren broeden zichtbaar werden: Green Deal Voedselbossen, de Regeneratie Coöperatie, het Ministerie van de Toekomst, de Donut Coalitie en Postgroei Nederland. Ook worden er nieuwe organisatievormen en besturingsmodellen ingericht, zoals de Zoöp, steward owned bedrijven, de commons, Rechten voor de Natuur, het burgerberaad en gebiedscontracten. Het geeft mij hoop te weten dat ook nu, terwijl je dit leest, bij heel veel mensen en organisaties deze interne verandering van waarden en houding gaande is. Dat belooft wat: in de komende jaren krijgt die nieuwe samenleving steeds meer gestalte.
Jan Rotmans zegt daarover in zijn boek Omwenteling van mensen, organisaties en samenleving (De Geus, 2017): ‘Fenomenologisch is deze ontwikkeling interessant omdat de nieuwe orde zo divers en schijnbaar ongeorganiseerd is, en tegelijkertijd ongrijpbaar voor de bestaande orde. Deze nieuwe macht moet zich nog vestigen en ontwikkelen. Het peloton (de mensen die graag mee de bocht om willen) haakt al aan bij de voorhoede en omvat in Nederland al bijna 1 miljoen mensen.’
We zijn nu ruim zeven jaar verder en misschien zijn we inmiddels wel met twee of drie miljoen mensen. Het tipping point, de kanteling, vindt plaats als 25 procent van een bevolking eraan meewerkt. De overheid heeft hierbij wel een belangrijke rol, die moet zich gaan verhouden tot die nieuwe orde en die vooral faciliteren.
Van ego naar eko naar seva
Wereldwijd is er al enige tijd een verandering gaande van de manier waarop wij ons verhouden tot de natuur. Wim Zweers schreef daar het boek Participating in Nature, Outline for an ecologization of our world view (International Books, 1998) over. Daarin zegt hij: ‘We gaan van almachtig heerser over de natuur (ego-gedreven), via beheerder van de natuur, naar partner van de natuur (eko, in samenwerking met) en door naar “de mens als deel van de natuur”. Dat is wat seva (uit het Sanskriet) betekent: dienstbaar zijn aan het grotere geheel.’ Dat laatste bewustzijn neemt sinds 2000 merkbaar toe. Precies hierover kun je veel inspiratie opdoen bij Matthijs Schouten, bijzonder hoogleraar ecologie en filosofie van het natuurherstel aan Wageningen University & Research en zijn lezingen en TED Talks.

Jouw houding ten opzichte van de natuur verandert. Eerst handelde je misschien vanuit de houding ‘de mens als heerser over de natuur’. Oftewel, je mag alles doen met de natuur, dieren, oceanen, als het maar goed is voor mij. Denk aan intensieve veehouderij en het leegvissen van oceanen. Inmiddels is dat aan het veranderen naar een houding van ‘de mens als partner van de natuur’ of ‘de mens als onderdeel van de natuur’. Je gaat de natuur zien als het grote complexe systeem dat zorgt voor het klimaat, voor schoon water en voor alle voorwaarden voor ons leven. We begrijpen nog lang niet alles. Pas onlangs ontdekten wetenschappers hoe schimmels de communicatielijnen vormen tussen bomen en zelfs de voedseldistributie coördineren. Het is cruciaal dat wij onze houding tot de natuur bijstellen.
Om onszelf te oefenen gaan we graag te rade bij inheemse volkeren die ons al jaren vertellen en laten zien dat het anders kan. In Brazilië heeft de regering officieel het Buen Vivir (het goede leven) omarmd, waarin respect voor Moeder Aarde centraal staat. Matthijs Schouten constateert dat er in de afgelopen decennia een opmerkelijke verschuiving in grondhouding heeft plaatsgevonden in de westerse wereld. ‘Onderzoek laat zien dat voor meer dan tweederde van de huidige Nederlanders geldt dat ze zichzelf als deel van de natuur zien en tegelijkertijd vinden dat we als mens de verantwoordelijkheid hebben goed voor de natuur te zorgen. Nederland staat hierin niet alleen. Vergelijkbare ontwikkelingen zien we ook in andere westerse landen.’
Trends en bewustwording
Behalve dat we ons tussen 2020 en 2025 enorm bewust geworden zijn van onze kwetsbaarheid en van onze afhankelijkheid van de natuur, zijn we ons ook meer bewust geworden van andere ontwikkelingen. En die zetten weer aan tot ander gedrag. We zijn gaan inzien dat ons geloof in de neoliberale economie en de van de werkelijkheid losgezongen financiële markten de veroorzakers zijn van de uitbuiting van mensen, landen, natuur, dieren en natuurlijke hulpbronnen. Vóór 2020 konden zulke dingen niet gezegd worden in het NRC of Het Financieele Dagblad, maar vijf jaar later wel.
We zijn ons bewust geworden dat we in een tijd van transities zitten. Die tijd is chaotisch en het is niet zo gek dat je af en toe niet weet waar je moet beginnen. Jan Rotmans van DRIFT (Dutch Research Institute for Transitions) schrijft daar veel over en roept ons op de chaos te omarmen, ons ertoe te verhouden en er niet van weg te lopen. Volkert Engelsman van het Sustainable Finance Lab moedigt ons aan nog even vol te houden, want de beweging die de nieuwe samenleving bouwt wordt sterker, steeds zichtbaarder en straks zijn we met meer dan 20 procent. Dan zal wat nu nog alternatief lijkt ‘gewoon’ zijn.
Transitie kan niet zonder transformatie
Als ons verhaal verandert en onze overtuigingen over hoe de wereld in elkaar zit, dan gaan we andere afwegingen maken over wat we werkelijke waardevol vinden. Daarmee transformeer je zelf, je gaat anders handelen, leven en werken. Dat persoonlijke transformatieproces gaat niet vanzelf, het wordt vaak getriggerd door iets dat je aangrijpt: ziekte, ontslag of ongeluk, het biedt je boosheid of een nieuw inzicht. Er zijn vijftigers die bij een bank werken die de schadelijke financiële belangen of de fossiele industrie ondersteunt. Zij worden door hun kinderen met de neus op de feiten gedrukt en maken vaak om die reden een draai in hun leven. Veel jongeren kiezen bij voorbaat voor een nieuwe manier van leven en roepen daarmee op tot transformatie van het onderwijs of van hun buurt.
Wereldwijd hebben de Verenigde Naties de zeventien duurzaamheidsdoelen ondertekend die we in hun samenhang moeten bewerkstelligen. Duurzame voedselproductie moet hand in hand gaan met goed waterbeheer en tegelijkertijd uitbuiting uitsluiten en zorgen voor eerlijke verdeling van hulpbronnen en middelen. Als je daar werkelijk aan wilt voldoen, zal je werk moeten maken van de begeleidende Inner Development Goals, want zonder die persoonlijke transformatie komt je er niet.
Transformatie op verschillende niveaus
Peter Bootsma van Noorden Duurzaam en Groene Burgemeester van Groningen ziet die transformatie op verschillende niveaus gebeuren: persoonlijk, in gebieden of op plekken, bij overheden in beleid en in bedrijven. De Plek wordt daarbij steeds belangrijker. Verschillende ministeries en organisaties (Vereniging van Nederlandse Gemeenten, Interprovinciaal Overleg, het kenniscentrum voor de waterschappen, het Functioneel Parket en de ministeries van Infrastructuur en Waterstaat, Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, en Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur) richtten samen het programma ‘Plek’ op. Dat is cruciaal voor het stimuleren van kennisuitwisseling binnen en tussen regio’s, en tussen regio’s en nationale actoren. In 2024 kwam er een samenwerking tot stand met het programma Plekmakers, een maatschappelijk initiatief van bij regio’s betrokken professionals. En lees vooral ook het verhaal van Rachelle Eerhart in hoofdstuk 10 Buurten, gemeenschappen en commons, die ons laat zien hoe de plek waar je woont van wezenlijk belang is.
Overigens lees je in bijna alle verhalen in dit boek terug hoe persoonlijke transformatie gelijk opgaat met de transitie naar nieuwe vormen van leven en werken die deze mensen in de wereld zetten.
Er is sinds 2020 een enorme toename van gemeenschappen. Mensen in buurten, wijken en gebieden die gezamenlijk het heft in handen nemen en zo voor integrale oplossingen zorgen voor de mensen, in verbinding met hun plek. Gezondheidszorg, ouderen, alleenstaanden, jongeren, lokaal voedsel, alles komt samen in stadslandbouw, voedselverbindingsplekken of lokale zorg. Er zijn steeds meer initiatieven voor ecodorpen, commons en het vrijkopen van grond, en er zijn op meerdere plekken gebiedsgedreven ontwikkelingen.
We zijn ons in de afgelopen jaren bewust geworden dat we niet bij de pakken neer hoeven te zitten, maar dat we zelf iets kunnen doen. Misschien niet meteen op grote schaal, maar ieder in zijn of haar eigen omgeving, in je eigen invloedssfeer. Ook zijn we ons bewust geworden dat de problemen op grotere schaalniveaus aangepakt kunnen worden als we ons verbinden in netwerken die juist dáár aan werken, zoals Foodwatch, Milieudefensie, Voedsel Anders, Transitiecoalitie Voedsel, Urgenda, Just Enough, Noorden Duurzaam, Voedselfamilies Zuid-Holland, Impact033, Caring Farmers, Caring Vets, Vogelbescherming, Bionext, enzovoort. Je komt ze allemaal tegen in dit boek.
Gezondheid geeft richting aan duurzaamheidstransitie
Nieuwe inzichten over de negatieve invloed van onze productiewijzen op de gezondheid van bodem, water, mens, plant, dier en dus op ons voedsel, zwengelen de omslag naar een regeneratieve samenleving aan. pfas, pesticiden en Parkinson, microplastics, bestrijdingsmiddelen in groente en fruit, alles kruipt ons lichaam in. De bezorgdheid hierover groeit en is aanleiding om op andere manieren te kijken naar wat gezond zijn eigenlijk betekent.
Gezondheid is meer dan niet-ziek-zijn. Zelfs zorgverzekeraars ondersteunen de omslag naar gezond voedsel en een gezonde leefomgeving, omdat de rekening van de ziektekosten te hoog oploopt. Dat komt overigens niet alleen door die toename aan chronisch zieken, maar ook door perverse mechanismen in de gezondheidszorg die de kosten opdrijven. Deze inzichten zorgen ook voor meer ontvankelijkheid bij overheden en andere gevestigde instituties voor nieuwe inactieven. Je zult zien dat de duurzaamheidstransitie versneld wordt als we de gezondheid van mens, plant, dier, bodem en water (die we allemaal willen) bovenaan de agenda zetten. Gezondheid van mens en planeet als leidend principe bij besluitvorming, niet alleen in Nederland, maar ook in landen waar wij met pesticidengebruik voor onze veevoeder- en voedselvoorziening produceren.
Er is een versnelling gaande in de transitie
In sneltreinvaart worden we ons in brede lagen van de samenleving bewust van de ernst van onze negatieve impact op de aarde, klimaat, water, biodiversiteit en onze eigen gezondheid. Het wordt ook steeds duidelijker op welke aangrijpingspunten we kunnen veranderen, binnen beleid, onze manieren van produceren en consumeren en onze manier van leven. De mogelijkheden om er wat aan te doen worden ons duidelijk gemaakt door wat ik zichtbaarmakers noem: film- en documentairemakers, onderzoeksjournalisten, podcasts van interviews met voorlopers en festivals waar inzichten, inspiratie en aanpakken worden gedeeld.
Ook zijn er katalysatoren (versnellers). Mensen en gebeurtenissen die zorgen dat een proces tussen mensen makkelijker verloopt. Net als de communicatie- en schimmelnetwerken in de natuur, zorgen zij voor uitwisseling, wederkerigheid en complementair gedrag.
Krachtenbundeling — samen maken we het systeem gezond
Vanaf 2023 zie je dat verschillende organisaties en netwerken die naar een inclusieve samenleving en een nieuwe economie toewerken, meer samen op gaan trekken. Niet als grote koepels, maar zoals je samen dezelfde route loopt en elkaar af en toe vasthoudt terwijl je de heuvels en dalen door gaat. Die beweging wordt steeds groter, krachtiger en zichtbaarder. Ook dat wil ik laten zien met dit boek.
Als associatie bij deze beweging geef ik vaak het beeld van verschillende organen in een menselijk lichaam: ieder orgaan heeft een eigen functie en een eigen daarbij passende vorm. De lever doet andere dingen dan de nieren, de bloedsomloop, de klieren, de longen of de spieren, maar samen maken ze het systeem gezond. Zo is dat ook in onze samenleving. Extinction Rebellion is net zo nodig als MVO Nederland, net zo nodig als de waterschappen, Bureau Burgerberaad, Vitens of We Are The ReGeneration. Gemeenten spelen net zo’n belangrijke rol als de burgers die in de gebieden wonen. Samen maken we het systeem weer gezond.
In deze periode tussen 2023 en 2027 gaan we met elkaar de bloedsomloop en het bindweefsel organiseren tussen die organisaties. In een natuurlijk ecosysteem praten we dan over mycelium, het verbindende, voedende en communicerende netwerk. Het gaat om in gesprek gaan, de dialogen organiseren en nieuwe vormen van organisatie en regelgeving vinden waarmee we onze leefomgeving regenereren. Om andere vormen van mobiliteit ontwikkelen waarmee we kunnen sturen op preventieve en integrale gezondheid en nieuwe vormen van onderwijs die jonge mensen helpen om hun kwaliteiten te ontplooien en zich zo kunnen ontwikkelen tot positief ingestelde en verantwoordelijke mensen.
Wij zijn de goden die moeten ingrijpen in de grootste crisis uit de geschiedenis |